Staycation 2


De tijd vliegt als je niets te doen hebt en zo is week 2 van onze staycation alweer voorbij.

Wij wandelden er weer op los. We begonnen de week met een heuse Romeinse Veldtocht in Woerden en omstreken. Deze tocht leidde ons vooral langs de Oude Rijn en het was fijn om met die warmte langs het water te lopen. Dat gold ook voor onze volgende wandeling die langs de Merwede ging in een gebied met veel militaire geschiedenis (Tachtigjarige Oorlog). We begonnen in Gorinchem en liepen via Sleeuwijk naar Woudrichem met als bonus een rondje rondom Slot Loevestein. Je weet wel, van Hugo de Grote en zijn boekenkist. Vanwege tijdgebrek skipten we het kasteel. We maakten onderweg wel gebruik van een aantal veerponten en dat maakte de route extra leuk.

Het is niet alleen een wandelvakantie, mar we stapten ook op de fiets. Richting Wassenaar om Museum Voorlinden te bezoeken. Ander cultureel hoogtepuntje was de overzichtstentoonstelling van het echtpaar Peter Gentenaar en Pat Gentenaar-Torley. Ik las voor het eerst over hen bij stadsbloggenoot Emie. Tot mijn schande kende ik hen helemaal niet en wist ook niet dat zij de initiatiefnemers van de Papier Biënnale zijn, die wij dan weer wel trouw bezoeken. In elk geval, dit was een prachtige tentoonstelling. Gaat dat zien!

Vrijdag moest huisgenoot P een halve dag werken (iets belangrijks met een afstudeerder) en heb ik mij aan een nieuwe legpuzzel gewijd. Vandaag hervatten wij de vakantie met een bezoek aan de Parade met onze buurvrienden H en M. Altijd gezellig en vaak mooie voorstellingen. En daarmee gaat de laatste week van de vakantie in.

Staycation

Afgelopen week en de komende twee weken hebben huisgenoot P en ik vakantie genomen van werk en vrijwilligerswerk. We blijven gewoon thuis, maar gaan er wel elke dag op uit: een heuse staycation dus.

De eerste week is achter de rug en we hebben onze tijd goed besteed al zeg ik het zelf. We startten met een wandeling op Jaffa. Ik schreef al eerder over onder andere deze begraafplaats en eigenlijk was het toeval dat we erlangs liepen bij een korte wandeling door de TU-wijk. Ik smeedde het hete ijzer en stelde voor de “Van Markenwandeling“ te gaan doen. De wandeling voert over het oude deel van de begraafplaats en was heel interessant. ik zal er later een blogje aan wijden in het kader van de Delftpromotie.

Verder wandelden wij afgelopen week van Hoek van Holland naar ’s Gravenzande over het strand en weer terug door de duinen. We wandelden in Amsterdam van IJburg naar het centrum met zus F en zwager J en hadden na afloop van de wandeling nog een genoeglijke maaltijd samen. Tot slot van deze week wandelden we van Driebergen naar Maarn over de Utrechtse Heuvelrug. Prachtige omgeving! Na al dat wandelgeweld (rond de 15 kilometer per keer) waren we toe aan een culturele boost. We bezochten in Leiden de Lakenhal (tentoonstelling over Jan Steen, die 400 jaar geleden geboren werd) en het migratiemuseum Fenix in Rotterdam. Over dat laatste zal ik ook nog een apart blogje schrijven, want dat was heel erg de moeite waard!

Vandaag werden onze zonnepanelen geplaatst, dus waren wij even aan huis gebonden. Morgen een opruimdagje thuis en dan gaan we maandag maar eens kijken of het weer toestaat dat we iets actiefs doen. Het is sowieso heerlijk om even niets te moeten en elke dag maar te zien waar we zin in hebben.

Keramiek

Delft staat bekend om zijn keramiek (Delfts Blauw onder andere, maar er is veel meer). Afgelopen weekend waren de Delftse Keramiekdagen waarbij op de Markt kunstenaars uit het hele land hun keramiek tentoonstellen en verkopen. Vanwege de hittegolf was het festijn zaterdag afgelast, maar zondag ging het wel door. Ik vond het te heet om mij naar de Markt te begeven, maar gelukkig hadden wij anderhalve week geleden mijn verjaardag gevierd met een echte Keramiekdag. Dus aan keramiek geen gebrek.

We maakten de Keramiekwandeling die ons gans Delft doorvoerde, maar waar ik onderweg maar één foto heb gemaakt van de “Delftse Tegelmannen”, een kunstwerk waar 1300 Delftenaren aan hebben meegewerkt (vooral kinderen van Delftse basisscholen). Het staat langs de Schie, vlakbij museum De Porceleyne Fles (dat al sinds een eeuwigheid is omgedoopt in Royal Delft Museum). Uit de spoortunnel is Delftse klei uitgedeeld waarvan de kinderen een grote kraal hebben gemaakt. Later heeft Marijke Gémessy die kralen verwerkt tot de Tegelmannen.

In de Oude Kerk bezochten we de tentoonstelling Common Ground die daar is ingericht ter ere van het 40-jarig bestaan van Terra. Dat is een galerie met hedendaags keramiek. Een vriendin van mij (zelf ook keramiste) heeft daar een tijdlang als vrijwilliger gewerkt. Het is heel bijzonder hoe de eigenaressen van Terra hun zaak hebben opgebouwd. Echt een bijzonderheid in de Nederlandse keramiekwereld. Lees er vooral meer over op hun eigen website.

De tentoonstelling zet een achttal kunstenaars centraal uit alle werelddelen. Een deel laat zien hoe keramiek mensen, hun verhalen en culturen verbindt. Wat mij betreft heel erg geslaagd. De Oude Kerk is een fantastische ruimte om keramiek te exposeren.

Een ander deel van de tentoonstelling laat 40 objecten zien, uit elk jaar van het bestaan van Terra een. Heel divers en ook heel bijzonder. Uiteraard vind ik niet alles mooi, maar veel wel. De foto’s die ik heb gemaakt laten mijn favorieten zien.

Na afloop kochten wij als waren we echte toeristen twee koffiebekers, die niets met Terra te maken hebben, maar waar we wel lekker koffie uit drinken.

De expositie is nog tot 4 juli te zien (dus hurry up), maar de wandeling kan tot midwinter en daarna gewandeld worden.

Stappen en happen in Amersfoort

Met een groepje van 10 (oud-)collega’s van de Hartstichting vormen wij de Stappen-en-happenclub. Ooit begonnen met wandelen na kantoortijd naar een restaurant (gewenste wandeltijd ongeveer 1 1/2 uur), daar gezellig eten en dan iedereen weer met het OV naar huis. Aangezien er van de 10 inmiddels nog maar 3 bij de Hartstichting werken, is daar de laatste tijd de klad een beetje ingekomen. Maar de club bestaat nog en we zijn bezig er nu een wat andere invulling aan te geven.

Zaterdag gingen we met z’n zessen naar Amersfoort, waar ons erelid I. inmiddels woont. Erelid I. loopt nooit mee, maar prikt wel regelmatig een vorkje mee. Het plan was een stadswandeling voor de wandelende leden, dan naar I om daar te borrelen en na de borrel gezamenlijk naar een Italiaan om de dag feestelijk af te sluiten. Zo gezegd zo gedaan. Ondanks de regen toog ik naar Amersfoort. Ik vind wandelen in de regen namelijk ongeveer het ergste wat mij kan overkomen, dus normaal gesproken haak ik af zodra er regen dreigt. Maar ja, Amersfoort en ons erelid lonkten!

En wat hadden we een geluk! Het was gewoon heerlijk stadswandelweer. Eerst moest ik natuurlijk op werkbezoek bij het VVV. Een mooie ruimte vond ik met een leuk souveniraanbod. Toen ik dit compliment maakte, riep een van de medewerkers meteen dat ik dan volgend jaar nog maar eens moest komen kijken, want de hele boel gaat binnenkort op de schop. Okeeeeee, bijzonder! Ze gaan een andere focus aanbrengen, meer gericht op beleven dan op souvenirs.

Van VVV-collega J moest ik nu eigenlijk tegen de VVV-medewerkers zeggen dat zij heus niet de enige in Nederland zijn met een zogenoemde ‘koppelpoort’. Daar schijnen zij namelijk nogal mee aan de weg te timmeren, terwijl Delft ook een koppelpoort heeft. Een koppelpoort? Wat is dat nu weer? Dat is een dubbele poort, een combinatie van een land- en waterpoort. Dat wil zeggen dat het zowel een landpoort voor verkeer over de weg is als een waterpoort voor scheepvaart op de rivier. Onze eigen Oostpoort dus. Maar ik zocht geen ruzie met Amersfoort en heb mij dus beperkt tot een gezellig collega-praatje.

Onze eigen Oostpoort

Tijdens de stadswandeling was er veel bij te praten, dus van foto’s maken kwam er niets. Na de koffie-met-gebak moesten we nog haasten om de bus naar Vathorst te halen (een mooi aangelegde wijk waar I woont). Daar aangekomen haalde I ons van de bus en zagen we tot onze grote en aangename verrassing collega H aan komen wandelen. Huh, die was toch met vakantie? Ja, zeker was zij dat, maar net weer aangekomen, reed zij meteen door naar Amersfoort om toch in elk geval het hapgedeelte mee te maken. En verder kletsten wij weer bij. Heel gezellig om elkaar allemaal weer te zien (nou ja, op de twee afwezige leden na, maar hopelijk zijn die er een volgende keer weer bij).

Bij de Italiaan werd de laatste trek gestild en moe, volgegeten, bijgepraat en heel tevreden keerden we weer huiswaarts. 

De Kont van Zuid

Een paar jaar geleden kreeg ik van (inmiddels oud-)collega (maar nog steeds vriendin) P een boekje met wandelingen buiten het centrum van Rotterdam. Superleuk boekje waar we al diverse wandelingen uit gedaan hebben. Zaterdag was het mooi wandelweer en stapten wij in de trein voor de wandeling “Charlois-IJsselmonde” die als subtitel het subtiele “De Kont van Zuid” heeft. Nu heb ik weliswaar 10 jaar in Rotterdam gewoond, maar Rotterdam Zuid ken ik helemaal niet goed. Ik moet zeggen dat deze wandeling ons op allemaal nieuwe plekken bracht die bepaald niet tegenvielen!

We begonnen op de Willemskade en toevallig waren dit weekeind de Wereldhavendagen. Er heerste een gezellige, gemoedelijke sfeer. Overal was wat te doen, vooral veel leuke activiteiten voor kinderen. En overal stoere mannen en vrouwen in uniformen (geen foto’s van), dat gaf een enorm veilig gevoel.

Na enig zoekwerk vonden we de voetgangersingang van de Maastunnel. Ook een eerste ervaring. Met de houten roltrappen naar beneden en dan de tunnel doorlopen. Het deed denken aan de tunnel in Hamburg waar wij drie jaar geleden waren. Alleen de tunnelmuren in Rotterdam zijn een beetje saaier.

En toen waren we op Zuid. Eigenlijk een aaneenschakeling van oude dorpjes, zoals Charlois (spreek uit Sjaarloos. Toen mijn grootmoeder, die op kantoor Franse correspondentie had gedaan, in Rotterdam kwam wonen en aan de buschauffeur vroeg of hij ook naar Sjarlwà ging, keek die haar aan alsof ze Frans sprak. “Oooooh, Sáárloos” ja, daar ging hij naartoe), Tuindorp Vreewijk en IJsselmonde.

Wij liepen door het Zuiderpark, kochten bijna een huis aan de Boergoense Vliet en lunchten bij de Koriander. In Vreewijk moest ik aan ons eigen Agnetapark denken. Zelfde sfeer, zelfde soort huizen gebouwd voor de havenarbeiders. Door ging de wandeling naar Feijenoord waar ik ooit onfortuinlijk mijn nooit gestarte carrière in het Clara Ziekenhuis beëindigde (het ziekenhuis is jaren geleden afgebroken) en verdwaalden daar op de voetbalvelden van Feijenoord. Daar werd ik wel kribbig van: een half uur tussen schreeuwende voetballers en het aanmoedigende publiek op de tribunes, die nog veel harder schreeuwden en opsprongen als er iets goed dan wel fout ging op het veld.

We eindigden de wandeling dan ook iets eerder dan gepland, omdat we op een tram naar het station stuitten en het laatste stukje wandeling er ook niet zo aantrekkelijk uitzag. Toch 16 kilometer op de teller, dus die laatste kilometer konden we wel missen. Fijne wandeldag met dank aan de gulle gever van het wandelboekje!

Ook stoer

Wandelen in Delft

Nu ik als promotor voor Delft ben aangesteld, mag ik Delft nog beter leren kennen. Vanuit het VVV bezoek ik de highlights en dat is verrassend leerzaam. Een paar weken geleden sloten collega M en ik aan bij een stadswandeling met Gildegids A. Wij bleken de enige aangemelden te zijn, dus A. kon helemaal los gaan. Wij hadden al wat basiskennis, dus zij dook meteen de diepte in. Superleuk en -leerzaam!

Afgelopen maandag was het Ambassadeursdag. Dat is een jaarlijks terugkerende dag georganiseerd door Delft Marketing om de mensen die in de toeristenbranche werken bij elkaar te brengen en iets te vertellen over de plannen voor de komende tijd. We begonnen met een stadswandeling. Deze keer liep ik mee met Gildegids J. die tevens mijn VVV-collega is. En ook J. kreeg het voor elkaar om mij weer nieuwe dingen te laten zien!

Na de wandeling was er een informatief gedeelte en een kleine quiz om te testen of we opgelet hadden tijdens de wandeling. Daarna kwam er een heerlijke en overdadige lunch, prima verzorgd door het Postkantoor

Ik had een leuke maandagochtend en voor jullie had ik er een paar foto’s bij willen plaatsen uit de Beeldbank van Delft Marketing. Maar een account maken is daar nog niet gelukt, dus ik hou het bij één zelfgemaakte foto van de Waag.

Zussen en zo

Vorige week was de 101e geboortedag van onze moeder. En hoewel zij – zoals de zoon van vriendin L zo treffend zei over zijn oma – “als ze nog leefde, nu wel dood zou zijn”, besloten zus F en ik dat het wel mooi zou zijn om onze maandelijkse zussendag op deze dag in Leiden (de stad van onze jeugd) door te brengen.

Zo gezegd zo gedaan en we begonnen de dag in de Bruine Boon met koffie en een carrot cake. Daarna startten we met de Singelparkwandeling. Er was prachtig weer voorspeld, maar de werkelijkheid was vrij mistig. Niet getreurd, tijdens de wandeling zou het wel opklaren. Dat deed het ook, rond 16 uur.

Leiden is een prachtige stad en een belangrijk onderdeel daarvan zijn de singels. Vrijwel helemaal rondom het centrum liggen de diverse singels met nog her en der een oude stadspoort. Sinds een paar jaar kun je door het aangelegde stadspark (bijna) helemaal rondom wandelen. Op een paar plekken lukt dat niet, omdat er nog gebouwd wordt, maar dat mocht de pret niet drukken. Ruimtelijk uitgedaagd als wij allebei zijn, verbaasden we ons wel af en toe “Oh, zijn we hier?” “Hé, we zijn vlakbij huis” (nou ja, 40 jaar geleden het huis van onze ouders). We liepen door het Plantsoen langs de volière waar ik als peuter langs werd gereden in mijn wandelwagentje tijdens de zondagse wandeling. De volière was er nog steeds. Uiteindelijk gingen we lunchen bij Pardoeza in de Doezastraat. Dat heet al 40 jaar geen Pardoeza meer, maar omdat wij nooit kunnen onthouden of het nu De Vriend heet of De Belastingen, zeggen we gewoon Pardoeza.

Na de lunch vervolgden wij onze weg langs de Hortus botanicus. Daar kwam ons op de fiets de vroegere hortulanus Carla Teune (klik op de link en scroll even naar beneden) tegemoet. Zij werkte al in de hortus toen zus F daar in de jaren 70 stage liep en nu werkt zij (Carla dus) er nog steeds, maar dan als pensionada en nog maar halve dagen, want zij is al op leeftijd. Leuk even met haar gepraat en later bedacht ik pas dat zij vroeger altijd in de vakanties op onze hond paste. Dat hebben we dus niet gememoreerd, maar het ging ook over de periode dat ik al niet meer thuis woonde.

Na deze ontmoeting verlieten we de route. De mevrouw van het VVV had ons namelijk geadviseerd even langs de Langebrug te gaan en een kort bezoekje aan de Young Rembrandt Studio te brengen. Op die plek kreeg Rembrandt voor het eerst schilderles van Jacob van Swanenburgh en je kon er een korte, knapgemaakte film bekijken over die periode. Na afloop kochten wij souvenirs voor onze mannen (sokken voor zwager J en een tas met de Pieterskerk erop voor huisgenoot P).

Het laatste stukje route lieten wij voor wat het is en zo eindigde de laatste zussendag van 2024. Ja ja, want vanaf november gaan we weer twee keer per week HOVO-en en er zijn grenzen aan ons familieziekzijn.

Treurwilg

Tussen de buien door liep ik Emie’s bruggenloopje (van de Koepoortbrug via de Plantagebrug naar de Trambrug en aan de overkant van het Rijn-Schiekanaal weer terug). Tot mijn schrik zag ik dat mijn geliefde treurwilg nu echt overleden was. Een paar stormen terug was er al een dikke, overhetwaterhangende tak afgebroken. Jammer voor de jeugd, die er zomers graag aan mocht schommelen en zich dan luid schreeuwend en lachend in het water liet plonzen.

Ik hoop dat er weer een nieuwe treurwilg voor in de plaats komt, maar vrees eigenlijk van niet. Er staat maar één andere treurwilg langs het kanaal, dus kennelijk is het niet zo’n gewilde boom bij de plantsoenendienst. Even afwachten maar.

Zussendag 2

Ja! We hadden weer een Zussendag. Niet de tweede, maar al de vierde, maar ik heb er niet elke keer over geschreven. In maart en april hadden we het te druk met HOVO-en en verviel de zussendag, maar in mei hebben we het weer opgepakt en lekker gewandeld in de Amsterdamse Waterleidingduinen. Afgelopen dinsdag was het minder mooi weer en was Den Haag de bestemming.

De ochtend begon met een Hofjeswandeling o.l.v. een stadsgids. De groep zou klein zijn, daar was al voor gewaarschuwd. Dat wij de enige twee leden bleken te zijn, was toch nog verrassend. Al wachtend zagen wij diverse mensen aan voor onze toekomstige gids of groepsgenoten, maar uiteindelijk hadden we het steeds mis. De gids was gelukkig erg aardig en had een enorme ordner bij zich met alle wetenswaardigheden van de wandeling (en meer) erin. Af en toe bladerde hij driftig in de ordner om ons een afbeelding van vroeger tijden te laten zien. Dat verrijkte de wandeling op een leuke manier.

Als niet-Hagenees wist ik eigenlijk niet eens dat er hofjes waren in Den Haag, maar zus F wist het gelukkig ook niet (en zij heeft 12 jaar in de Hofstad gewoond, nota bene in dezelfde straat als onze gids). We begonnen de wandeling bij een moderne versie van een hofje, gebouwd in de jaren 80 van de vorige eeuw en we eindigden bij het oudste en mooiste hofje uit de 17e eeuw. Huisjes met prachtige trapgeveltjes, een grote binnentuin en het is ook nog eens een trouwlocatie. Dat laatste kan ik mij wel voorstellen qua ambiance, maar een hofje is nu toch juist bij uitstek bedoeld voor ongetrouwde vrouwen, dus het is ook licht verwarrend.

Toen de wandeling was afgelopen, hadden we nog tijd over (met 10 mensen loop je kennelijk toch een stuk langzamer dan met twee. De gids bood aan om nog een stukje Joodse buurt mee te pakken. Ook een heel interessant stukje stad. Nu is het China Town compleet met rode lampionnen en twee Chinese poorten. De reden daarvan is uiteraard de gruwelijke Jodenvervolging in de Tweede Wereldoorlog. Er waren nauwelijks meer Joodse bewoners en in de jaren 60 kwamen er veel immigranten van Chinese afkomst naar de stad. Maar de sporen van de Joodse oorsprong zijn gelukkig nog terug te vinden.

Op het Rabbijn Maarsenplein is een monument voor de 12.000 weggevoerde en vermoorde Joden opgericht. Dit bestaat uit een driedelige muur met in het midden een deur op een smalle kier. Hierop is een sculptuur van een Davidster geïnstalleerd. Twee koffers staan symbool voor de deportatie. Deze koffers zijn van onderaf verlicht. Zes stenen ovale zitplaatsen staan symbool voor de zes miljoen vermoorde Joden. Elke steen toont aan beide kanten een reliëf sculptuur dat voor een van de twaalf stammen van Israël staat.

Er is ook een ontroerend mooi monument voor de omgekomen kinderen. Dat bestaat uit stoelentrappen (trappen gemaakt van opgestapelde stoelen) van verschillende hoogtes waarop de namen en leeftijden van 400 omgekomen kinderen zijn geschreven. Het plein is een soort speeltuintje en onze gids vertelde dat er ook vaak kinderen op die stoelen zitten en klauteren. Op deze website kan je foto’s zien van de monumenten en dat verduidelijkt mijn beschrijvingen hopelijk.

Na afloop van de wandeling begon het te regenen en zijn wij uitgebreid op het Plein gaan lunchen tot het tijd werd om weer huiswaarts te gaan.

Terug van weggeweest

Na een weekje vakantie in Montpellier (heerlidepeerli) en aansluitend bijna twee weken ziek (niet zo heerlidepeerli), ben ik er weer.

Eerst maar een fotoimpressie van die week in Zuid Frankrijk, want op een impressie van ziek-op-de-bank zit niemand te wachten.