Na mijn eerste blogje (en tot nu toe tevens laatste) over gevelstenen, verschijnt vandaag deel twee. Ik zette een gevelsteen in de Visstraat op de foto.

De Visstraat is een klein steegje tussen Voorstraat en Verwersdijk. Vroeger waren in dit gedeelte van de stad talloze bierbrouwerijen gevestigd. Ik noem ’t Paert van Dirck van Groenewegen, de brouwerij van Jacob Balbiaen en De Oyevaer van Melchior Wyntges. En om deze laatste brouwerij gaat het hier natuurlijk. Het pakhuis van De Oyevaer had zijn ingang aan de zuidzijde van de Visstraat, die toen Quartelaersteech heette. Boven de poort zat een gevelsteentje met een ooievaar. Dat draagt het jaartal 1777 maar de brouwerij bestond al in 1600. Tegenwoordig zit er op de plek van het pakhuis een klein appartementencomplex. Gelukkig hebben ze na de sloop van het pakhuis de gevelstenen weer in ere hersteld.


Op de noordhoek van de steeg stond brouwerij De Visch, waarnaar de steeg later is hernoemd. Verderop zaten nog De Twee Bijlen, De Osch, De Dobbele Hellebaerden, De Haemer en De Drie Truwelen. Er waren in de Middeleeuwen dus enorm veel brouwerijen. Dat was echter niet – zoals een hardnekkig verhaal wil – omdat het water in die tijd zo vervuild was, maar het had vooral te maken met de status van water. Volgens Leendert Alberts, historicus, dronk iemand van stand dat gewoon liever niet. Water was voor de dieren. Mensen dronken bier en als ze echt van hoge komaf waren dronken zij wijn.









































